Anna

Dit is Anna. De vrouw van mijn dromen, de laatste tijd. Zij danst voor mijn ogen, vlak voor ik in slaap val. Zij fluistert in mijn oor, waarna ik meteen wakker word. Ze is mijn meisje, mijn minnares, het gepermitteerde vreemdgaan. Ze is vijftien en vijfenzestig. Ze is rijk en ze is arm. Ze komt uit Nederland, Montenegro, Polen en ergens uit de Balkan. Ze is van vlees en bloed, ze is van papier. Anna heeft vele gezichten en dit zijn ze allemaal:


Laatst bezocht ik mijn oude middelbare school. In een voor mij nieuw en onbekend gebouw weliswaar, maar het was toch mijn oude school. Zo werkt dat. Onze oudste zoon was hier op verkenningstocht. Hij hoeft pas over een jaar te kiezen, maar hij wilde toch alvast naar de open dag. Zo gaat dat.

Op een gegeven moment was ik het klasje kijken zat en verschool ik mij in de kantine. Kopje koffie, plakje cake. Ook de aankleding had iets van een crematorium, maar goed. Van een paar tafeltjes verder voelde ik plotseling een blik op mij gericht. Ik keek en vanaf het moment dat wij elkaar zagen, kreeg ik een ouderwets rooie kop. Een boei van hier tot ginder. Net zo rood als dat strakke trainingspak van haar, toen.

Mevrouw Swinkels, de gymjuf.
Ze stond op en kwam naar me toegelopen. Ook dat nog.
“Een oud-leerling”, lachte ze. “Jij bent Peter”.
Ze was nog net zo mooi. Van een klassieke schoonheid. Fijn gezichtje, donker haar, vrolijk ondeugende ogen. Ik roep maar wat. Mooi.

Bloedmooi. Zeker voor een brugklasser die nog nooit een gymjuf van dichtbij had gezien. Een fręle gestalte in een knalrood trainingspakje. Ik sloofde me uit voor haar. Liep hard en ver, sprong hoog en ver, smeet speren en kogels, hing als een idioot aan ringen en touwen, sprong met doodsverachting over bok en brug. Zelfs bij stupide spelletjes als softbal en hockey werkte ik me voor haar in het zweet.

Mede aangemoedigd door andere jongens in mijn klas, vast verder in hun ontluiking, nam ik bij de toestellen met plezier ongehoorde risico´s want, zo beloofde ze steeds: Toe maar, ik vang je wel op. Ik voel nog haar warme hand op mijn bovenbeen wanneer ik als vogelnestje uit de ringen dreigde te kletteren, nog haar beschermende omhelzing als ik iets te ruig uit de trampoline kwam aangevlogen.

Tijdens onze mini-reünie in de kantine zat ik alleen maar te rekenen: hoe oud was ze toen, hoe oud is ze nu? Ik kwam er niet uit. Ik weet enkel dat sommige gevoelens nooit verjaren. Mevrouw Swinkels is net zo tijdloos als mijn Anna.

Hoe langer ik naar haar kijk, des te meer ik er zie: een nichtje, een ex, een tante en nu dus ook een gymjuf. Anna, de vrouw van mijn dromen, lijkt overigens niet op mijn liefste. Maar dat is logisch, want die ligt elke nacht naast mij.

Begin februari 2007 vond ik deze foto op een rommelmarkt in Antwerpen. Hij hangt nu naast mijn beeldscherm, totdat ik klaar ben met mijn scenario voor Anna. Dan gaat ze in een lijstje. De premičre van de gelijknamige voorstelling door Het Zunderts Toneel is op 17 augustus 2007. De dame in kwestie is overigens de zus van de toenmalige koning van België, Boudewijn.